Op naar Emmerich

Verzopen we begin deze week nog in de regen, de laatste twee dagen was het zweet dat van onze lijven gutste. ’s Ochtends was de tent al een broeikas. Een bloedhete laatste dag lag voor ons, waarop we wandelden van Aerdt naar Emmerich. Daar lag ook onze eindbestemming. Onze wandeling is voorbij. Nu mogen we even relaxen. Gelukkig is er hier volop Weissbier. En wij zagen dat het goed was.

Rivierenland

Na een hele week van het ene prachtige bos in het andere terecht te zijn gekomen, stappen we vandaag in een ander landschap. De zon schijnt, de Rijn stroomt, de bloemen bloeien en een oude reus houdt de wacht. Oh, en kersen natuurlijk.

Hoogtepunt

Na acht dagmarschen zijn we aangekomen op het hoogste punt van onze wandeling: Hoogte 80 in Arnhem, tachtig meter boven NAP. Een stijging van gemiddeld 10 meter per dag. In de praktijk was het vooral de laatste twee dagen klimmen. En dat viel niet mee, want juist toen viel de regen met bakken uit de hemel. Wel mooi, zo’n door en door nat bos.

Vandaag rusten we uit. Of, om met het routeboekje uit 1914 te spreken:

“Aan het eind van den krachtigen dagmarsch zitten wij neer … en de van gezonde moeheid tintelende beenen strekken wij uit onder de tafel der gezelligheid, en mijmeren voor ons heen, hoe goed het is, herinnerd te worden, dat er die vergeten, maar herboren heerlijkheid tot ons werd teruggebracht van weer door ons eigen land te kunnen gaan, … al wandelend.”

Morgen verder. Proost!

Arme kip!

WP4Phone_20150623083401_1

Barneveldse kip voor twee

Olim lacus colueram,
olim pulcher extiteram,
dum cignus ego fueram.

Miser, miser!
Modo niger
et ustus fortiter!

Girat, regirat garcifer;
me rogus urit fortiter:
propinat me nunc dapifer,

Miser, miser!
Modo niger
et ustus fortiter!

Nunc in scutella iaceo,
et volitare nequeo
dentes frendentes video:

Miser, miser!
Modo niger
et ustus fortiter!

Ooit zwom ik op het zwanenmeer,
ooit dreef ik sierlijk heen en weer,
nu ben ik dood, dat kan niet meer.

Dood en verraden,
dood en gebraden
en zwart geblakerd

De koksmaat draait en draait aan ‘t spit
het vuur brandt me zo zwart als git
de obers staan al in ’t gelid.

Dood en verraden,
dood en gebraden
en zwart geblakerd

Kijk mij hier nu als pronkstuk staan,
ik arme vleugellamme zwaan
zie grage kaken opengaan.

Dood en verraden,
dood en gebraden
en zwart geblakerd

De gebraden zwaan zingt, uit Carmina Burana.
Nederlandse vertaling Harm-Jan van Dam

Parkeren voor de ziel

Na een regenachtige tocht door een nat bos kwamen we met de ziel onder de arm aan in Maarn. Daar troffen we onderstaand bord. Maar goed dat we onze ziel hier niet geparkeerd hebben, hoe sympathiek de uitnodiging ook was. Want dan hadden we de volgende dag, op de Donderberg bij Leersum, de stichtelijke woorden die we aantroffen op de tombe Van Nellesteyn natuurlijk nooit op waarde weten te schatten.

De partituur van het pad

Kaartlezen is te vergelijken met het spelen van een muziekstuk. Een muzikant probeert zijn spel in overeenstemming te brengen met de partituur. En andersom, het spelen helpt hem een interpretatie te maken van wat hij leest. Zo werkt dat ook met een kaart en het landschap. Elk lijntje, elk kleurtje, elk tekentje op het papier heeft een betekenis. Het is aan jou als kaartlezer om die betekenis te ontdekken. Je kijkt op de kaart om te bepalen waar je je bevindt in het landschap. Of andersom, je kijkt om je heen om te bepalen waar je bent op de kaart.

Het verschil met de muzikant is natuurlijk dat je als kaartlezer geen eigen interpretatie kunt geven. Het landschap is nu eenmaal het landschap en daarmee moet je het doen. De overeenkomst zit hem in de precisie waarmee de aanwijzingen op papier zijn gezet. Als het goed is. De muziek van Bach bijvoorbeeld kunnen we nog steeds juist spelen doordat hij die zo nauwgezet noteerde. We hoeven in zijn muziek niet te verdwalen. Zo is het ook met kaartlezen: hoe nauwkeuriger de kaart, hoe beter je je kunt oriënteren.

Bij routebeschrijvingen ben je nog meer dan bij een kaart afhankelijk van de nauwkeurigheid van de schrijver. Een goede routebeschrijving kun je zonder kaart lezen. De aanwijzingen volgen elkaar logisch op en zijn tijdens de wandeling op het juiste moment in het landschap te herkennen.

Dat het maken van een goede routebeschrijving een kunst op zich is ondervinden wij op deze tocht. Al meerdere malen hebben we staan puzzelen. Soms blijkt achteraf essentiële informatie te ontbreken. Soms is de omschrijving nodeloos omslachtig, waardoor je drie keer moet lezen wat er staat. We zijn al eens van de route geraakt door onduidelijkheid in de beschrijving. Ook dachten we een keer verdwaald te zijn, terwijl we later gewoon op de route bleken te zitten. We zouden deze route niet zonder kaart kunnen lopen.

We nemen het de makers niet kwalijk. Tenslotte zijn dat gewoon enthousiaste wandelaars die geweldig werk hebben gedaan. Alsof ze een verloren gewaande symfonie hebben herontdekt, hebben zij honderd jaar stof van dit pad af geblazen en een nieuwe vertaling gemaakt. Misschien komt er nog eens een herziene versie?

image