Stukje lopen wandelt weer

Vandaag is het volle maan. Lentemaan. Het meteorologische voorjaar is begonnen. De koeien mogen weer naar buiten en dansen in de wei. En ook Stukje lopen staat dartel te springen om weer te wandelen. We hebben er zin in!

Want we hebben even stilgestaan. Niet letterlijk, maar wel wat bloggen betreft. Dat kwam een beetje op het tweede plan. Maar nu pakken we de draad weer op. Zonder garantie op regelmaat, maar met verzekering op mooie tochten.

We beginnen in het noorden. Wij wandelen het Jabikspaad. Dat loopt van Zwarte Haan aan de Wadddenzee, vlak boven Sint Jacobiparochie, door Friesland heen tot Hasselt in Overijssel. En als alles goed gaat lopen we dan nog even door naar het NS station in Zwolle.

Nu even naar de volle maan kijken. Welterusten voor straks en daarna gaan we een stukje lopen.

Ho. Stop. In je dromen…

Van St. Annaparochie naar ons logeeradres op de dijk is het maar drie kilometer lopen. Dat doen we even. Opwarmertje. Stapperde stap.

Maar het kerkje van St. Annaparochie ligt nauwelijks een halve kilometer achter ons of het noodlot slaat toe.

Stap-flap stap-flap stap-flap. Hè?

Stap-flap stap-flap stap-flap. Nee, hè!

Zo klinkt schoenenpech. Een zool heeft zich spontaan losgemaakt van de schoenpunt en flappert vrolijk op en neer bij iedere stap. Uitgerekend nu.

Daar sta je dan in het prachtige Friese land, geen schoenmaker in de wijde omtrek, en aan de vooravond van 180 kilometer over natte grasdijken en zompige paden met 12 kilo op de rug. Dat gaat hem al flapperend niet worden.

Exit romantisch etentje met uitzicht over zee. Exit staren naar de sterrenhemel en de volle maan. Eerst schoenen voor Sé is nu de leus.

We parkeren de rugzakken op het gastadres. En binnen een half uur zitten we in de bus terug naar Leeuwarden. Het is donderdag en koopavond. En er is een Bever. We zijn niet voor één gat te vangen.

“De laatste in je maat heb ik net verkocht”, zegt de winkelverkoopster na een zoektocht in het magazijn, “maar deze vallen klein, dus wie weet?”

Ze zitten als gegoten. Binnen en kwartier lopen we de winkel weer uit. De wandelgoden zijn ons goed gezind.

Karel de Grote had ooit een droom. Hij zag een weg van sterren langs de hemel die liep van de Friese Zee helemaal naar de Atlantische Oceaan in Spanje, waar de apostel Jacobus ligt begraven. “Tot in lengte van dagen zullen pelgrims lopen van zee tot zee”, fluisterde Jacobus hem in.

Zover gaan we niet lopen dit keer. En van die sterren zien we niet veel, want het is te bewolkt. Maar Zwolle gaan we zeker halen op deze stoere stappers.

Morgen begint een nieuw wandelavontuur.

Advertenties

Uilentoren

Op een rotonde, niet ver van de Tombe van Nellesteyn, staat een toren.  Het is een beetje een vreemde, frivole toren. Zeker na de stichtelijke woorden op de Donderberg, die nog rondzongen in ons hoofd toen we op dit bouwsel stuitten. Als je ervoor staat vraag je je af wat voor doel het heeft of heeft gehad. Die vraag is heel terecht. Het is namelijk een folly.

Een folly? Ja, een gekkigheidje. Vooral in de 19e eeuw waren ze populair. Je liet zo’n ding in je tuin plaatsen als decoratie. Vaak in de vorm van een ruïne, een grot (waar dan een kluizenaar in kon wonen) of een watervalletje. Maar een torentje kon natuurlijk ook. Als je tuin maar groot genoeg was. Een doel hadden ze niet, of het moest zijn dat de vrouw des huizes er lekker in de schaduw thee kon zitten drinken, of dat je er een mooi uitzicht had. Of dat ze, mits op de juiste zichtlijn geplaatst, je waarschijnlijk toch al ruime landgoedtuin nog groter deden lijken.

Deze folly werd gebouwd in 1904. Hij stond er dus al toen onze route werd gemaakt. In het boekje uit 1914 lezen we: “Doorgaande langs hetzelfde pad en aan het einde links omslaande, zien wij den uitzichttoren voor ons van den heer Van Dam te Wijk bij Duurstede (…). Van den steenen toren, die op een hoogte van 33,5 M. is gebouwd, overziet men den geheelen omtrek; de Lek en Wijk bij Duurstede met zijn ruïne, zijn duidelijk te zien.”

Na honderd jaar zijn de bomen zo hoog gegroeid dat zij al het zicht ontnemen. Gelukkig is de toren zelf bezienswaardig genoeg. De Pyramide van Lombok, genoemd naar het landgoed waar hij stond, werd al snel omgedoopt tot de Uilentoren van Leersum. Dat snap je meteen als je hem ziet.

Amsterdam – Arnhem – Emmerich

Het is alweer bijna een week geleden dat onze wandeling eindigde. We zijn weer aan het werk, alle wandelwas is weer schoon, de kampeerspullen liggen te wachten om weer naar de kelder te worden gebracht. Zolang de kratjes nog boven staan houden we het vakantiegevoel nog een beetje vast.

We hebben een mooie wandeling achter de rug. Zoals eerder geblogd volgde die niet helemaal de route van de ANWB. En bij die route moet je weer onderscheid maken tussen  wat in hun routebeschrijving staat en wat er op de kaart is uitgezet, want dat komt niet altijd overeen. Soms hebben we dus eigen keuzes gemaakt, of zijn we gewoon stom toevallig zo gelopen als we gelopen zijn. En na Arnhem zijn we natuurlijk nog doorgelopen naar Emmerich. We hebben de zaak eens op een rijtje gezet. Je kunt met ons meekijken.

Als je wilt zien hoe we gelopen hebben, klik dan hier

Als je de route van de ANWB wilt bekijken, klik dan hier

Meer informatie over de oudste ANWB wandelroute vind je op hun website

We hebben nog een heleboel foto’s. Het kan dus zomaar zijn dat we binnenkort nog een blogje plaatsen. Dat is dus niet meer vanaf het pad. Maar ach, het pad ligt altijd naast je deur. Je hoeft maar naar buiten te lopen en op te stappen. Prettige wandeling!

Op naar Emmerich

Verzopen we begin deze week nog in de regen, de laatste twee dagen was het zweet dat van onze lijven gutste. ’s Ochtends was de tent al een broeikas. Een bloedhete laatste dag lag voor ons, waarop we wandelden van Aerdt naar Emmerich. Daar lag ook onze eindbestemming. Onze wandeling is voorbij. Nu mogen we even relaxen. Gelukkig is er hier volop Weissbier. En wij zagen dat het goed was.